Speelt de verzwakkende AMOC het zee-ijs in de kaart?

Foto boven: De Fram Straat, tussen Groenland en Spitsbergen - Wikipedia

Het Arctische zee-ijs lijkt opnieuw op een zeer laag minimum af te koersen, maar de afname valt dit jaar opvallend genoeg mee.

Dat is opmerkelijk, want de uitgangspositie was ronduit slecht en ook het zeewater rond de Noordpool is op veel plaatsen uitzonderlijk warm. Een mogelijke verklaring komt uit een onverwachte hoek: de veranderende oceaanstromingen rond Groenland en de Framstraat. Speelt de verzwakkende AMOC daarbij misschien ook een rol?

De Fram Straat, tussen Groenland en Spitsbergen - Wikipedia
De Fram Straat, tussen Groenland en Spitsbergen - Wikipedia

We leken op een nieuw dieptepunt af te gaan

Het leek er dit voorjaar lange tijd op dat het Arctische zee-ijs op een nieuw dieptepunt zou afstevenen. Het wintermaximum was uitzonderlijk laag en ook daarna bleef de ijsbedekking op veel plaatsen ver onder het langjarig gemiddelde. Bovendien was de zomer opnieuw warm en is vooral de Atlantische kant van het Noordpoolgebied omringd door opvallend warm zeewater.

Advertentie

Toch is het beeld aan het einde van de zomer minder dramatisch dan je op grond daarvan zou verwachten. De ijsbedekking bevindt zich weliswaar op een zeer laag niveau, maar inmiddels ligt het oppervlak zelfs iets bóven dat van vorig jaar. Het minimum lijkt bovendien in de buurt van dat van 2025 uit te komen. Dat is interessant. Want waarom is het ijsverlies niet groter?

Meerdere factoren spelen een rol

Bij die vraag spelen verschillende factoren een rol. De atmosferische circulatie en de wind hebben een grote invloed op de verspreiding en afvoer van zee-ijs. Ook de dikte en leeftijd van het overgebleven ijs zijn belangrijk. En vervolgens is er de oceaan. Warm zeewater kan het ijs van onderaf aantasten, maar alleen als die warmte ook daadwerkelijk tot aan het ijsoppervlak wordt gebracht. In de Arctische Oceaan ligt een groot deel van het warme Atlantische water juist onder een relatief koude en zoete oppervlaktelaag ‘gevangen’.

En daarmee komen we bij een veel ingewikkelder verhaal: dat van de oceaanstromingen rond Groenland.

Een warme en een koude stroom

Via de Framstraat, tussen Groenland en Spitsbergen, stroomt warm en zout Atlantisch water ten westen van Spitsbergen langs noordwaarts de Arctische Oceaan in.

Advertentie

Door dezelfde straat, maar dan wat meer naar het westen, stroomt juist koud, relatief zoet Arctisch water zuidwaarts, langs de oostkust van Groenland. Met dat water wordt ook zee-ijs vanuit de Arctische Oceaan naar het zuiden afgevoerd.

Die zuidwaartse stroming staat bekend als de East Greenland Current, de Oost-Groenlandse stroom. Je zou hem als een belangrijke afvoerroute van het Arctische systeem kunnen zien. De hoeveelheid koud water en ijs die via deze route naar het zuiden verdwijnt, kan invloed hebben op de hoeveelheid ijs die in de Arctische Oceaan achterblijft.

Dat is een duidelijk verhaal, zou je denken. Maar het blijkt dat die stroom veel ingewikkelder in elkaar zit dan lange tijd werd gedacht. Recente metingen laten zien dat de normaal gesproken zuidwaarts stromende Oost-Groenlandse stroom regelmatig tijdelijk, vaak enkele dagen, van richting kan veranderen. Vooral wervelingen in de oceaan kunnen ervoor zorgen dat warm Atlantisch water dan juist even noordwaarts wordt getransporteerd.

De Oost-Groenlandse stroom blijkt daarmee niet alleen een afvoerroute van koud water en ijs te zijn, maar ook een gebied waar verschillende watermassa’s intensief met elkaar worden uitgewisseld. En daarmee komt ook de AMOC in beeld.

Een verzwakkende transportband?

De Atlantic Meridional Overturning Circulation, kortweg AMOC, is het grote systeem van oceaanstromingen dat warmte vanuit de tropen naar het noorden transporteert en koud, dieper water weer zuidwaarts voert. Er zijn aanwijzingen dat deze circulatie verzwakt.

Maar hier zit ook een belangrijke paradox. Een zwakkere AMOC betekent niet automatisch dat álle noordwaartse oceaanstromingen even sterk afnemen. De veranderingen in temperatuur en zoutgehalte kunnen de verschillende onderdelen van het systeem op een andere manier beïnvloeden. Zo kan de ‘overturning’ – het op- en neergaande rondpompen van oceaanwater – in de Noordelijke Zeeën, de zeeën tussen Schotland, IJsland, Noorwegen en Groenland, aanvankelijk zelfs sterker worden, terwijl de AMOC als geheel verzwakt. Dit klinkt tegenstrijdig, maar het laat vooral zien hoe ingewikkeld het systeem is.

De vraag is dan wat er netto gebeurt met de verhouding tussen het warme Atlantische water dat noordwaarts wordt aangevoerd en het koude Arctische water en zee-ijs dat via Groenland weer zuidwaarts stroomt.

Minder ijs op transport

De hoeveelheid zee-ijs die via de Framstraat naar het zuiden wordt afgevoerd, is de afgelopen decennia sterk veranderd. Niet alleen het oppervlak van dat afgevoerde ijs is daarbij belangrijk, maar ook de dikte. Het ijs in het poolgebied is de laatste tientallen jaren flink dunner geworden. Dunner ijs betekent dat bij een gelijkblijvend oppervlak veel minder ijsvolume wordt afgevoerd. Dit kan van betekenis zijn voor de ontwikkeling van het totale Arctische zee-ijs. Minder afvoer van ijs door de Framstraat betekent immers dat er ook minder ijs uit de Arctische Oceaan verdwijnt.

Tegelijkertijd kan een veranderende stroming ook betekenen dat op andere plaatsen gemakkelijker Atlantische warmte naar het noorden wordt getransporteerd. En dat zou voor het ijs juist weer ongunstig kunnen zijn. Het is dus geen ABC’tje dat een zwakkere AMOC automatisch tot meer zee-ijs leidt.

Waar blijft de warmte?

Mogelijk ligt in de processen die we hiervoor hebben beschreven wel een deel van het antwoord op de ontwikkeling van dit jaar. De Atlantische Oceaan is uitzonderlijk warm en ook aan de Atlantische kant van het Arctische gebied zijn de zeewatertemperaturen hoog. Toch vertaalt die warmte zich niet overal in een even grote afname van het zee-ijs. Dit komt doordat de plaats waar de warmte zich bevindt minstens zo belangrijk is als de temperatuur van het water zelf.

Warm Atlantisch water kan honderden meters onder het zeeoppervlak aanwezig zijn. Een sterke stratificatie van het zeewater – het ontstaan van verschillende waterlagen die moeilijk met elkaar mengen – kan voorkomen dat die warmte gemakkelijk naar boven komt. Veranderingen in de Atlantische instroom, de Oost-Groenlandse stroom, wervelingen en menging kunnen daardoor mede bepalen hoeveel warmte uiteindelijk bij het zee-ijs terechtkomt.

En precies daar raken de verschillende onderdelen van het systeem elkaar. Via de Atlantische oceaanstromingen wordt warm zeewater naar de Noordelijke Zeeën gevoerd, waarna Atlantisch water via onder meer de Framstraat het poolgebied binnenstroomt. Tegelijkertijd komen koud Arctisch zeewater, ijs en zoet water via de Oost-Groenlandse stroom naar het zuiden.

Het is geen stabiele transportband, maar een ingewikkeld netwerk waarin veranderingen aan de ene kant gevolgen kunnen hebben voor de processen aan de andere.

Nog geen verklaring voor 2026

Er is op dit moment dus geen direct bewijs dat de relatief geringe afname van het zee-ijs in 2026 rechtstreeks door de verzwakkende AMOC wordt veroorzaakt. Daarvoor zijn de beschikbare metingen te beperkt en spelen atmosferische omstandigheden, wind en ijsdrift op de tijdschaal van één zomer een veel directere en waarschijnlijk te grote rol.

Toch blijft de vraag of de verzwakkende AMOC hierbij op de achtergrond invloed heeft wel degelijk spelen. Zeker als we de ontwikkeling van het Arctische zee-ijs als onderdeel van een veel groter systeem zien, waarin atmosfeer, oceaan, ijs en zoet water voortdurend op elkaar reageren. Juist de rond Groenland en in de Framstraat waargenomen veranderingen kunnen daarin een belangrijke schakel vormen.

Daarbij blijft het opvallend dat een Arctische zomer met uitzonderlijk warm zeewater en een zeer slechte uitgangspositie uiteindelijk toch niet in een nieuw absoluut dieptepunt eindigt. We zien er ook en vooral in hoe het systeem uiteindelijk toch een stuk ingewikkelder op de opwarming van de aarde reageert dan we zo op het eerste gezicht zouden denken.

Mis ook deze verhalen niet:

Voor weernieuws uit Vlaanderen kijk op: meteo-weer.be

Volg ons ook op facebook, X, Instagram en Bluesky!

Jouw foto op Weerverteller.nl?

Stuur je foto naar foto@weerverteller.nl, of via X met de vermelding van @weerverteller

Advertentie