Waarom juist nu zoveel beuken omvallen

Foto boven: Een recent afgeknapte beuk in het Speulderbos, bij Garderen - Reinout van den Born

Wie deze zomer door een oud beukenbos wandelt, ziet dat er iets aan de hand is. Langs bospaden liggen enorme takken. Hier en daar staat een monumentale beuk er nog, maar met een ijle kroon of al vroeg verkleurend blad.

Op andere plekken ligt een complete boom op de grond, met een metershoge wortelkluit omhooggetrokken. Of afgeknapt, midden in de vaak indrukwekkende stam. Zomaar, zonder dat de wind eraan te pas kwam.

Een recent afgeknapte beuk in het Speulderbos, bij Garderen - Reinout van den Born
Een recent afgeknapte beuk in het Speulderbos, bij Garderen - Reinout van den Born

Steeds vaker worden delen van bossen afgesloten, omdat het risico op vallende takken of omvallende bomen te groot is geworden. Dat beeld is onder meer te zien in het Speulderbos bij Garderen en op de Veluwezoom, in beekdalen in Gelderland en Brabant en op andere plaatsen met oude beukenbossen.

Advertentie

Wie er regelmatig komt, merkt dat het geen incidenten meer zijn. Het zijn de zichtbare gevolgen van een klimaat dat voor de beuk steeds minder vanzelfsprekend wordt.

Een boom die van evenwicht houdt

De beuk (Fagus sylvatica) is misschien wel de meest karakteristieke boom van onze oude loofbossen. Zijn gladde grijze stam en gesloten bladerdak bepalen op veel plaatsen het landschapsbeeld.

Maar de beuk is ook een kieskeurige boom. Hij gedijt het best in een gematigd klimaat, met voldoende vocht, maar zonder langdurige wateroverlast. Hij houdt niet van extreme hitte, niet van langdurige droogte en evenmin van weken- of maandenlang natte bodems. Juist dat evenwicht raakt in Nederland steeds vaker verstoord.

Het betekent overigens niet dat het Nederlandse klimaat al overal ongeschikt is geworden voor de beuk. Op koelere, voedselrijke of lemige bodems kan de soort zich nog uitstekend handhaven. Opvallend genoeg zijn jonge beukjes er bovendien nog volop. Ze lijken zich voorlopig goed te ontwikkelen. Dat laat zien dat de soort niet uit Nederland verdwijnt. Vooral de oudere bomen, die al jarenlang opeenvolgende perioden van droogte en wateroverlast hebben moeten doorstaan, lijken nu de rekening gepresenteerd te krijgen.

Advertentie

De beuk opereert eigenlijk binnen een verrassend smal klimaatvenster. En dat venster sluit steeds minder goed aan bij het weer dat we de laatste jaren meemaken.

Twee recent afgeknapte beuken in de bossen van de Veluwezoom, vlakbij Velp en Rozendaal - Reinout van den Born
Twee recent afgeknapte beuken in de bossen van de Veluwezoom, vlakbij Velp en Rozendaal - Reinout van den Born

Jarenlange stress

Wie denkt dat de problemen pas deze zomer zijn begonnen, vergist zich. De huidige sterfte is het eindpunt van een proces dat al jaren aan de gang is. Na de uitzonderlijk droge en hete zomers van 2018, 2019, 2020 en 2022 moesten veel beuken interen op hun reserves. Ze groeiden minder, verloren eerder hun blad en hadden moeite om nieuwe wortels te vormen.

Daarna sloeg het weer volledig om. De jaren 2023 en 2024 behoorden op veel plaatsen tot de natste ooit gemeten. Vooral in beekdalen en laaggelegen bossen bleef de bodem maandenlang verzadigd met water. Voor mensen leek dat misschien goed nieuws na alle droogte, maar voor veel beuken was het juist een nieuw probleem.

Boomwortels hebben namelijk zuurstof nodig. Als de bodem langdurig onder water staat, verdwijnen de luchtige ruimtes tussen de bodemdeeltjes. Wortels kunnen dan letterlijk stikken. Vooral de fijne wortels, die verantwoordelijk zijn voor de opname van water en voedingsstoffen, sterven af.

Die schade zie je niet meteen. Vaak blijven bomen nog maanden of zelfs enkele jaren overeind, terwijl hun wortelstelsel langzaam achteruitgaat.

Bosbeheerders zien dat beeld op steeds meer plaatsen terug. Zo meldden zowel Staatsbosbeheer als Natuurmonumenten de afgelopen tijd dat vooral beuken in beekdalen en laaggelegen delen van bossen het zwaar hebben. Na de uitzonderlijk natte jaren 2023 en 2024 kregen veel bomen te maken met langdurig zuurstofgebrek rond de wortels. Volgens bosbeheerders wordt de schade die toen is ontstaan juist nu zichtbaar, doordat de bomen tijdens een nieuwe warme en droge zomer onvoldoende water kunnen opnemen. Dat verklaart ook waarom juist nu op verschillende plaatsen wandelpaden zijn afgesloten en noodgedwongen bomen moeten worden verwijderd.

In de bossen bij Garderen - Reinout van den Born
In de bossen bij Garderen - Reinout van den Born

Waarom juist nu zoveel bomen omvallen

Nu opnieuw een warme en droge periode is aangebroken, moeten de bomen water opnemen met een wortelstelsel dat op veel plaatsen al beschadigd is. Dat lukt steeds minder goed.

De kroon krijgt onvoldoende water. Takken sterven af. Bladeren verkleuren vroeg of vallen al midden in de zomer uit. Uiteindelijk breken zware zijtakken af of verliest de boom zijn stabiliteit en valt hij om. Dat gebeurt soms zelfs zonder storm.

Juist daarom sluiten bosbeheerders op steeds meer plaatsen wandelpaden af. Een verzwakte beuk kan onvoorspelbaar worden. Grote takken kunnen spontaan afbreken en complete bomen kunnen onverwacht omvallen. De indrukwekkende foto's uit onder meer het Speulderbos en van de Veluwezoom laten zien hoe groot de gevolgen inmiddels kunnen zijn.

Niet één extreem, maar de optelsom

Het is verleidelijk om één oorzaak aan te wijzen. De droogte. Of juist de natte jaren. Maar de werkelijkheid is ingewikkelder. Het zijn juist de snelle overgangen tussen die extremen die de beuk opbreken.

Na jaren van droogtestress volgden de uitzonderlijk natte jaren 2023 en 2024, waarna opnieuw warme en droge zomers aanbraken. Iedere periode vraagt iets anders van de boom. Iedere periode kost energie. En na meerdere opeenvolgende jaren van stress raken steeds meer bomen uitgeput.

De huidige problemen laten zien dat klimaatverandering niet alleen betekent dat het warmer wordt. Voor bomen gaat het vooral om grotere schommelingen tussen droog en nat, tussen hitte en overvloedige neerslag.

Ook in de bossen bij Garderen - Reinout van den Born
Ook in de bossen bij Garderen - Reinout van den Born

De beuk staat niet alleen

Ook andere boomsoorten laten zien hoe kwetsbaar bossen kunnen zijn wanneer het klimaat verandert. De es wordt al jaren getroffen door essentaksterfte. De iep werd in de vorige eeuw grotendeels weggevaagd door de iepziekte. Paardenkastanjes kampen met de kastanjebloedingsziekte en de kastanjemineermot. Ook eiken hebben steeds vaker last van opeenvolgende droge zomers, insectenvraat en schimmels.

Ook verschillende naaldboomsoorten staan onder druk. Vooral op de droge zandgronden van de Veluwe hebben grove dennen steeds vaker last van droogtestress, schorskevers en schimmels. De problemen beperken zich dus allang niet meer tot één boomsoort.

Elke boomsoort heeft zijn eigen zwakke plekken. Samen maken ze duidelijk dat veel bomen zijn aangepast aan het klimaat van de twintigste eeuw, terwijl zij nu moeten leven in het klimaat van de eenentwintigste eeuw.

Het bos van de toekomst

Verdwijnt de beuk dan uit Nederland? Waarschijnlijk niet. Wel lijkt de boom op een deel van zijn huidige groeiplaatsen terrein te verliezen. Vooral op locaties waar droogte en langdurige wateroverlast elkaar afwisselen, zal hij het steeds moeilijker krijgen.

Natuurbeheerders houden daar al rekening mee. Staatsbosbeheer en Natuurmonumenten werken al enkele jaren aan bossen die beter bestand zijn tegen een grilliger klimaat. Dat gebeurt niet door massaal beuken te vervangen, maar vooral door bossen gevarieerder te maken. Tegelijkertijd wordt op veel plaatsen gekeken welke boomsoorten zich onder de veranderende omstandigheden het best kunnen handhaven. Er is geen kant-en-klare blauwdruk voor het bos van de toekomst; het is ook een kwestie van observeren, experimenteren en bijsturen.

Tussen bestaande bomen krijgen soorten als winterlinde, haagbeuk, veldesdoorn, fladderiep en verschillende eikensoorten meer ruimte. Ook wordt meer ingezet op natuurlijke verjonging, waarbij jonge bomen spontaan mogen opgroeien. Dood hout blijft vaker liggen, zodat de bodem het vocht beter vasthoudt en het bos als geheel robuuster wordt.

Een gevarieerd bos is minder kwetsbaar dan een bos waarin één boomsoort overheerst. Als één soort het moeilijk krijgt, kunnen andere soorten die rol deels overnemen.

Een beukenlaantje in de bossen van de Veluwezoom, in de buurt van Velp en Rozendaal. Van deze bomen staan de wortels nog deels in de modder - Reinout van den Born
Een beukenlaantje in de bossen van de Veluwezoom, in de buurt van Velp en Rozendaal. Van deze bomen staan de wortels nog deels in de modder - Reinout van den Born

Een landschap in verandering

Wie vandaag door een oud beukenbos loopt, ziet misschien vooral verlies. Eeuwenoude bomen verdwijnen. Karakteristieke lanen veranderen. Bekende wandelroutes worden tijdelijk afgesloten.

Toch is dat niet het hele verhaal. Tussen de omgevallen reuzen groeit een nieuwe generatie bomen op. Een bos is nooit af; het verandert voortdurend. Alleen gaat die verandering nu sneller dan veel mensen ooit hebben meegemaakt.

Misschien zullen onze kleinkinderen nog steeds door indrukwekkende bossen wandelen. Maar de kans is groot dat die bossen anders zijn samengesteld dan de bossen die wij nu kennen. Minder gedomineerd door beuken, meer door een mix van boomsoorten die beter bestand zijn tegen de grillen van een warmer klimaat.

De omgevallen beuken van vandaag zijn daarmee meer dan losse incidenten. Ze zijn een zichtbaar signaal dat niet alleen het weer verandert, maar ook het Nederlandse bos.

Misschien is dat wel de meest tastbare manier waarop klimaatverandering zichtbaar wordt. Niet alleen in temperatuurrecords of grafieken, maar in een eeuwenoude beuk die na honderden jaren plotseling het gevecht met het weer verliest.

Voeg weerverteller.nl toe aan het startscherm van je telefoon

Mis ook deze verhalen niet:

Volg ons ook op facebook, X, Instagram en Bluesky!

Voor weernieuws uit Vlaanderen kijk op: meteo-weer.be

Jouw foto op Weerverteller.nl?

Stuur je foto naar foto@weerverteller.nl, of via X met de vermelding van @weerverteller

Advertentie