De ijskoude november van 1921 volgde op een jaar van droogte
Reinout van den BornEen jaar van droogte, een oktober die nog opvallende warmte bracht en daarna een november waarin de winter vroeg toesloeg. Het gebeurde in 1921. Met gemiddeld slechts 1,2 graden in De Bilt is november 1921 nog steeds de koudste uit de meetreeks sinds 1901. De strenge vorst aan het einde springt het meest in het oog. Maar ook daarvoor was het al wekenlang bijzonder koud.
Een droge zomer en een warme nazomer zeggen weinig over de winter die volgt. Dat weten we ook uit de moderne tijd. Toch is november 1921 een mooie aanleiding om terug te kijken op een jaar waarin het weer enorme tegenstellingen liet zien. Ook in 1921 had Nederland een langdurige droogte achter de rug. En terwijl oktober nog warmte bracht, stond een maand later het leven op sommige plaatsen alweer in het teken van ijs.

De overgang was groot. Kwam oktober 1921 in De Bilt nog op gemiddeld 12,5 graden uit (op 10 oktober werd het in Sittard nog 30,1 graden), november bleef op 1,2 graden steken. Een verschil van ruim elf graden dus. Nog altijd is er sinds 1901 geen koudere november geweest.
Een droogte die maar niet ophield
De droogte van 1921 werd door meer dan een droge zomer alleen veroorzaakt. Volgens een reconstructie van het KNMI begon de aanloop al in de herfst van 1920. Ook in de daaropvolgende seizoenen viel onvoldoende neerslag. De tekorten stapelden zich op, met grote gevolgen voor de landbouw, de veeteelt en de watervoorziening. Ook in 1921 stonden de rivieren in Nederland, net als dit jaar, extreem laag.
Pas aan het einde van 1921 kwam aan die langdurige droogte een einde. In Nederland bleven de problemen met de drinkwatervoorziening tot in december in het nieuws. Terwijl de eerste winterkou zich al aandiende, waren de gevolgen van het watertekort dus nog steeds voelbaar. Net als dit jaar verdwenen de gevolgen van de eerder opgebouwde droogte niet toen een nieuw seizoen begon.
Vanaf de tweede week veranderde alles
November 1921 begon nog betrekkelijk zacht. Op de eerste dag werd het in De Bilt 13 graden. Ook op 4 en 5 november kwamen de middagtemperaturen nog boven 11 graden uit. Van een vroege winter was op dat moment dus duidelijk nog geen sprake.
Vanaf 8 november veranderde het beeld. Achter een lagedrukgebied, dat via ons land (waar het op 6 november aan zee nog tot een bijna-orkaan kwam die erg veel schade aanrichtte), het noorden van Duitsland en Denemarken richting de Baltische staten trok, werd met een naar noordwest draaiende wind steeds koudere lucht aangevoerd. In de dagen daarna draaide de wind bij ons naar het noordoosten. Daardoor hield de kou aan en daalden de temperaturen verder.
Tot en met de 17e vroor het vervolgens iedere nacht. Op 10 november daalde de temperatuur tot −7,3 graden. Overdag werd het die dag niet warmer dan 3,2 graden. Ook in de periode daarna kwam de warmte niet terug. Op 13 november bleef het maximum op 1,3 graden steken en op 20 november kwam de temperatuur nauwelijks boven het vriespunt uit. De maand verliep dus ook al ruim vóór de scherpste vorst langdurig koud.
Zon en vorst, maar ook grauwe kou
De waarnemingen laten zien hoe die kou verschillende gezichten had. Op 9 november stond in De Bilt een oostnoordoostenwind en was de luchtdruk hoog. De zon scheen ruim acht uur. Toch werd het niet warmer dan 4,7 graden. De aangevoerde lucht was koud en tijdens de lange nacht kon het sterk afkoelen.
Ook op 20 november kwam de wind uit het oosten, maar toen bleef de zon helemaal weg. Tussen de laagste en hoogste temperatuur zat die dag minder dan één graad: het minimum bedroeg −0,3 graden, het maximum 0,4 graden. Het was een grauwe dag waarop de temperaturen nauwelijks meer van hun plaats kwamen. Op de weerkaart zagen we een hogedrukgebied boven Finland en lagedrukgebieden boven Zuid-Europa.

Eind november ging er nog een schep bovenop
Vanaf 25 november begon de vorstperiode, waarmee de maand het bekendst is geworden. Vanuit Scandinavië bereikte nog koudere lucht ons land en de nachten werden steeds kouder. Op 29 en 30 november zakte de temperatuur in De Bilt tot −14,4 graden. Op de 29e bleef het ook overdag met maximaal −4,3 graden diep onder nul. Zulke temperaturen zouden zelfs midden in de winter bijzonder zijn.
Wie oudere beschrijvingen van deze dagen leest, komt vaak minima van −15 graden tegen. In de huidige, gehomogeniseerde meetreeks zijn die waarden bijgesteld naar −14,4 graden. Aan het uitzonderlijke karakter van de kou verandert dat maar weinig.
Schaatsen boven de vissen
Hoe die vroege winter werd beleefd, is mooi terug te lezen in het dagboek van Koos Groen in ’t Woud, dat door de historische vereniging van Lisse is gepubliceerd. Hij noteerde dat er op 28 november al werd geschaatst.
Begin december reed hij over de Kagerplassen. Het ijs was op sommige plaatsen zo zwart en doorschijnend dat hij de vissen eronder kon zien zwemmen. Boven ondiepe gedeelten was zelfs de bodem zichtbaar. Het gaf hem een vreemd gevoel: alsof hij over water reed waarop geen ijs lag. Op 4 december waren achter de Binnenkaag ook al twee arrensleden op het ijs te zien.
Toch betekende de winter niet voor iedereen alleen plezier. Toen in Purmerend begin december baanvegers werden gezocht, meldden zich honderd werklozen. Over het aangeboden loon ontstond vervolgens een staking. Het ijs was voor de één een uitje, voor de ander een mogelijkheid om iets te verdienen.
Er volgde inderdaad een koude winter
De vroege kou kreeg in de winter erna een vervolg, al bleef het niet onafgebroken vriezen. December verliep als geheel aanzienlijk minder koud dan november. Later keerden stevige vorstperioden terug, eind januari en in februari.
De meteorologische winter kwam in De Bilt op gemiddeld ongeveer 1,7 graden uit. Het koudegetal, waarin ook de vorst van november en maart meetelt, bedroeg 147. Op basis van dat koudegetal staat het winterseizoen 1921/1922 op de veertiende plaats in de KNMI-reeks. De uitzonderlijke novemberkou draagt aan die hoge positie bij.
Ook de herinneringen van de schaatser uit de Kaag vertellen over afwisselend vorst en dooi. De winter keerde in verschillende bedrijven terug, met november als uitzonderlijk vroeg begin. Terwijl de problemen met de watervoorziening nog niet voorbij waren, konden de schaatsen alweer onder. En door het heldere ijs van de Kagerplassen waren zelfs de vissen te zien.
Voeg weerverteller.nl toe aan het startscherm van je telefoon
Mis ook deze verhalen niet:
Voor weernieuws uit Vlaanderen kijk op: meteo-weer.be
Hoe windmolens invloed hebben op mist
30-Daagse (+): SSW krijgt twee gevolgen, het tweede mogelijk winters
Poolwervel verder onderuit: hoe bruikbaar is de vergelijking met 2010?
De achterdeurtjes van de komende, vrijwel zeker zachte winter
Een fascinatie voor de winter die nog maar nauwelijks wordt gevoed
Het jaar 1540 was krankzinnig. Maar kijk eens goed naar 2026
Waardoor gaat winterkou sinds 2013 vaker aan Nederland voorbij?
Volg ons ook op facebook, X, Instagram en Bluesky!
Jouw foto op Weerverteller.nl?
Stuur je foto naar foto@weerverteller.nl, of via X met de vermelding van @weerverteller










