El Niño maakt onze winters niet altijd zacht

Foto boven: Niet alle winters tijdens een El Niño verlopen in Europa zacht - Reinout van den Born

De huidige El Niño, hoe bijzonder hij ook is, doet ook denken aan andere bijzondere gebeurtenissen uit het weerverleden. Zo hield een sterke El Niño in de periode tussen 1939 en 1942 uitzonderlijk lang aan. Grote delen van Europa, waaronder Nederland, kregen toen in drie opeenvolgende winters met strenge kou te maken. De vraag is of de gebeurtenissen van toen ons ook nog iets over de komende winter kunnen zeggen.

Wie naar de huidige ontwikkelingen op de Stille Oceaan kijkt, ziet iets bijzonders. El Niño is niet alleen uitzonderlijk sterk, maar lijkt voorlopig ook aan te houden. NOAA meldde begin september een Niño-3.4-afwijking van +1,8 graden en in het oostelijke deel van de tropische Stille Oceaan zelfs meer dan +3 graden. Ook voor het resterende deel van de herfst en voor de hele komende winter wordt een zeer sterke El Niño verwacht.

Niet alle winters tijdens een El Niño verlopen in Europa zacht - Reinout van den Born
Niet alle winters tijdens een El Niño verlopen in Europa zacht - Reinout van den Born

Een ABC’tje: El Niño, dan wordt onze winter zacht en nat

Voor meteorologen die in ons deel van Europa seizoensverwachtingen maken, is de verleiding tegenwoordig groot om – als van een sterke El Niño sprake is – voor Noordwest-Europa bijna automatisch een zachte, erg natte en windrijke winter te verwachten. En dat helemaal als in de aanloop naar die winter ook een sterk positieve IOD op de planning staat. Toch zijn er uit het verleden voorbeelden bekend van jaren waarin het helemaal niet zo liep.

Advertentie

Een historische periode die op deze manier in beeld komt en die opvallend genoeg ook met een langdurige El Niño te maken had, was die tussen 1939 en 1942. De tropische Stille Oceaan verkeerde toen langdurig in een El Niño-fase en het waren jaren waarin zich wereldwijd grote klimaatafwijkingen voordeden. In Europa sprongen vooral de winters eruit.

Winters aan het begin van de jaren ’40 waren in Europa erg koud

De winters van 1939/40, 1940/41 en 1941/42 verliepen in grote delen van Europa uitzonderlijk koud. De laatste van de drie was zelfs een van de koudste Europese winters van de afgelopen eeuwen. In alle drie de winters kwamen langdurige perioden met een negatieve NAO voor, met vaak hoge druk boven Scandinavië en een uitbreiding van het Russische hogedrukgebied richting Europa. De straalstroom lag daarbij geregeld zuidelijker dan normaal.

Het aardige is dat dit niet zomaar drie willekeurige koude winters waren. De atmosfeer vertoonde gedurende deze periode een aantal opmerkelijke overeenkomsten. Boven de Noord-Atlantische Oceaan was de IJslandse depressie relatief zwak, terwijl de luchtdruk bij de Azoren en boven Scandinavië vaak hoger dan gebruikelijk was, passend bij een negatieve NAO. Daardoor kreeg koude lucht uit het noorden en oosten veel gemakkelijker toegang tot Europa.

Onderzoekers hebben aangetoond dat de langdurige El Niño waarschijnlijk een rol speelde bij deze bijzondere drukverdeling. Het verband is echter wel ingewikkelder dan zomaar te stellen dat de El Niño van toen direct verantwoordelijk was voor de kou in Europa. Een mogelijke schakel liep via veranderingen in de planetaire golfactiviteit en de stratosfeer. Die grotere planetaire golven konden de poolwervel beïnvloeden (verzwakken) en daarmee de omstandigheden voor het optreden van blokkades in de troposfeer gunstiger maken.

Advertentie

Zegt dit iets over de komende winter?

Als we van de periode van 1939 tot 1942 iets kunnen leren, is het wel dat de mogelijke gevolgen van een sterke El Niño voor het weer bij ons toch niet altijd dezelfde kant op gaan. Een sterke El Niño creëert een tijdelijk nieuw raamwerk, waarbinnen het mondiale weerpatroon zich afspeelt. En de drukverdeling boven Europa reageert niet iedere keer hetzelfde op het instellen daarvan.

Daarvoor moeten we ook naar andere factoren kijken, zoals de toestand van de Atlantische Oceaan, de fase van de NAO, de positie van de straalstroom, de ontwikkelingen in de stratosfeer vooral boven het poolgebied, en nog andere factoren die een rol kunnen spelen. Het hele pakket bepaalt uiteindelijk hoe het weer in de winter bij ons uitpakt.

Kijken we terug naar de jaren 1939 tot en met 1942, dan waren de drie winters in die periode weliswaar alle drie koud, maar waren de omstandigheden duidelijk niet identiek. En vooral de winter van 1941/42 kwam er uiteindelijk veel kouder uit dan je op basis van de situatie aan het begin van die winter mogelijk zou hebben verwacht.

Een sterke El Niño kan bepaalde ontwikkelingen in het Europese weer faciliteren, maar vertelt ons niet simpelweg vooraf hoe de volgende winter eruit zal zien. Het is dan ook interessant om te zien hoe de drukverdeling zich de komende weken verder ontwikkelt.

De herfst van 1941 kende grote contrasten

In de herfst van 1941 zagen we in West-Europa aan het einde van oktober al een scherpe omslag naar kouder weer. In Frankrijk was er bijvoorbeeld begin oktober nog een opmerkelijke warmteperiode, met 27 °C in Normandië, waarna tussen 29 oktober en 5 november een uitzonderlijk vroege kou-inval volgde. In laaggelegen gebieden viel sneeuw; op 4 november lag er in Parijs 7 centimeter sneeuw, destijds een record voor zo vroeg in het seizoen.

Ook Engeland kende dat contrast. September was daar, net als in Nederland, zeer droog en vrij warm, en ook oktober begon warm en zonnig. Tegen het einde van oktober draaide de wind echter naar noordelijke richtingen en gingen de temperaturen sterk omlaag. Op 29 oktober werd het in Zuidoost-Engeland niet meer warmer dan slechts 5 graden.

In Oost-Europa ging de herfst gepaard met de beruchte ‘rasputitsa’, die de wegen in modderpoelen veranderde en de Duitse opmars naar Moskou sterk bemoeilijkte. Daarna volgde vanaf eind november/begin december de aanloop naar een uitzonderlijk strenge winter.

De winterverwachting van toen

En er is nog een mooie meteorologische link met het maken van seizoensverwachtingen: in de herfst van 1941 maakte de Duitse meteoroloog Franz Baur een langetermijnverwachting voor de naderende winter. Hij verwachtte een normale tot zachte winter. De werkelijkheid werd anders: de winter van 1941/42 groeide uiteindelijk uit tot een van de strengste van de twintigste eeuw. Ook toen was het al bepaald niet makkelijk om vroeg te voorzien wat precies zou gaan gebeuren.

Voeg weerverteller.nl toe aan het startscherm van je telefoon

Mis ook deze verhalen niet:

Voor weernieuws uit Vlaanderen kijk op: meteo-weer.be

Vakantieweer in Europa: de oostelijke Middellandse Zee wordt onstuimiger

Volg ons ook op facebook, X, Instagram en Bluesky!

Jouw foto op Weerverteller.nl?

Stuur je foto naar foto@weerverteller.nl, of via X met de vermelding van @weerverteller

Advertentie