Hoe de koele poolzomer het zeeijs dit jaar hielp

Foto boven: Een ijsbeer jaagt op het zeeijs van de Hudsonbaai op zeehonden - Wikipedia

Terwijl grote delen van de wereld een zeer warme zomer beleefden, ging het boven de Noordelijke IJszee heel anders. Daar was het vaak koel, bewolkt en onstuimig. Het zeeijs hield daardoor beter stand dan aan het begin van het smeltseizoen werd gevreesd.

Het Amerikaanse sneeuw- en ijsinstituut NSIDC in Boulder heeft de bijzondere poolzomer nu meer in detail bekeken. Uit die evaluatie blijkt onder meer waarom het ijs er op de kaart soms gunstiger uitzag dan in werkelijkheid op het water.

Een ijsbeer jaagt op het zeeijs van de Hudsonbaai op zeehonden - Wikipedia
Een ijsbeer jaagt op het zeeijs van de Hudsonbaai op zeehonden - Wikipedia

Opvallend verloop

Eerder schreven we op deze site al over het opvallende verloop van het smeltseizoen in het noordpoolgebied. Na een ongunstige start, met in mei een bijna recordkleine ijsbedekking, verliep de afname van het zeeijs vanaf juni ineens een stuk langzamer. En toen het jaarlijkse minimum eenmaal voorbij was, groeide het ijsoppervlak snel weer aan.

Advertentie

Hoe kon dat, in een wereld die juist zo warm was? In zijn terugblik legt het NSIDC de nadruk op een hardnekkig weerpatroon boven de Noordelijke IJszee. Lagedrukgebieden bepaalden er vrijwel de hele zomer het weer. Ze brachten koele lucht, veel bewolking en wind met zich mee. Die combinatie remde het smelten van het zeeijs, maar veranderde ook de manier waarop het ijs over de oceaan verdeeld lag.

Van een slechte start naar een minder diep minimum

Op 12 september bereikte het Arctische zeeijs zijn kleinste omvang van dit jaar. Het minimum eindigde op een gedeelde tiende plaats van onderen in de satellietreeks, samen met 2008, 2010 en 2025. Dat is nog altijd weinig ijs. Maar gezien de uitgangspositie in mei had het smeltseizoen ook veel ongunstiger kunnen aflopen.

Kijken we naar september als geheel, dan bedroeg de gemiddelde zeeijsbedekking 4,81 miljoen vierkante kilometer. Daarmee kwam de maand op de dertiende plaats van onderen uit. Hierbij hebben we het over het gemiddelde over de hele maand. Dat is dus een andere ranglijst dan die van het minimum op één afzonderlijke dag.

Vergeleken met het septembergemiddelde over 1981 tot en met 2010 ontbrak betekenden die 4,81 miljoen vierkante kilometer nog steeds een tekort van ongeveer 1,6 miljoen vierkante kilometer. De verrassing zat uiteindelijk dus vooral in het verloop van het seizoen: een smeltseizoen dat nogal dreigend begon, maar vervolgens duidelijk minder spannend eindigde.

Advertentie

Een zomer onder lagedrukgebieden

Volgens het NSIDC was vooral de hardnekkigheid van de lagedrukinvloed bijzonder. Zomerse depressies boven de Noordelijke IJszee zijn op zichzelf niet vreemd. Maar dit jaar was gedurende juni, juli en augustus bij de Noordpool gemiddeld steeds een sterk lagedrukgebied zichtbaar. Depressies die vanuit de omgeving de poolzee binnentrokken, ontwikkelden daarbij boven het poolgebied een koude kern. Ook hoger in de atmosfeer zat relatief koude lucht. Nieuwe depressies hielpen om die koude structuur vervolgens in stand te houden.

Zo hield boven de Noordelijke IJszee een koel en bewolkt zomerregime aan, terwijl het op land in delen van de gebieden eromheen juist uitzonderlijk warm was.

Er viel niet meer neerslag dan normaal

Voor het zeeijs maakte dat veel uit. Vooral in juni kwam de smelt laat op gang. De steeds aanwezige bewolking beperkte de hoeveelheid zonlicht die het oppervlak bereikte. Samen met de relatief lage temperaturen hielp dat om het ijs langer intact te houden.

Opvallend genoeg betekende al die depressieactiviteit niet dat er over de hele Noordelijke IJszee ook uitzonderlijk veel neerslag viel. Volgens de door het NSIDC gebruikte heranalyse was de zomerneerslag er als geheel niet opvallend hoger dan gemiddeld.

De wind trok het ijs uit elkaar

En er speelde nog iets. Wind laat zeeijs niet alleen bewegen, maar kan het ook samenpakken of juist uit elkaar trekken.

Rond lagedrukgebieden draait de wind op het noordelijk halfrond tegen de wijzers van de klok in. Als ijsschotsen in de zomer voldoende bewegingsruimte hebben, kan zo’n circulatie de ijsbedekking verder uitspreiden. Gebieden waar minimaal 15 procent van het zeeoppervlak met ijs is bedekt, tellen mee bij het bepalen van de zeeijsbedekking. Ook bij een betrekkelijk losse ijsbedekking kan het totale gebied dat meetelt op die manier relatief groot blijven.

Pakijs tot dicht bij de Noordpool

Volgens het NSIDC heeft het gedrag van de wind waarschijnlijk onder meer bijgedragen aan het tot stand komen van los pakijs aan de Atlantische kant van de Noordelijke IJszee, tot dichtbij de Noordpool. In zo’n gebied kan er een flink verschil zijn tussen wat een ijskaart laat zien en wat een schip onderweg tegenkomt.

Ook een los veld van schotsen, met open water ertussen, kan dus een groot gebied beslaan. Een grotere bdekking betekent daardoor niet automatisch dat er ook meer of dikker ijs ligt. De Zweedse ijsbreker Oden merkte de gevolgen. Het losse pakijs vergemakkelijkte dit jaar de tocht naar de Noordpool.

Na het minimum vroor het snel weer dicht

Het koele lagedrukweer hield ook in september aan. Nadat het minimum was bereikt, verliep de aangroei van het ijs snel. Open plekken tussen de schotsen vroren weer dicht. Dit past bij het beeld van deze zomer: het weer hielp het ijs eerst om minder snel te verdwijnen en vervolgens om zich weer vlot uit te breiden.

Maar een dichtgevroren opening is nog geen dikke, sterke ijsvloer. Nieuw ijs moet gedurende de herfst en winter verder aangroeien en vooral dikker worden. De snelle toename van het ijsoppervlak betekent daarom nog niet dat ook de hoeveelheid dik, weerbaar ijs zich heeft hersteld.

Het oude ijs blijft schaars

Hoe kwetsbaar dun ijs kan zijn, bleek deze zomer langs de kust van Alaska. Daar bleef tot in augustus ijs liggen, langer dan we de afgelopen jaren gewend waren. Uiteindelijk verdween het grootste deel alsnog. Volgens het NSIDC kwam dit doordat in het gebied veel eerstejaarsijs lag. Dat is ijs dat nog maar één winter heeft doorgemaakt en relatief gemakkelijk volledig wegsmelt.

Het oudere ijs, dat meerdere zomers heeft overleefd en doorgaans dikker is, is tegenwoordig veel schaarser dan vroeger. Vooral het oudste ijs is sterk teruggelopen. Sinds 2012 resteert aan het einde van het smeltseizoen jaarlijks hooguit ongeveer 250.000 vierkante kilometer ijs van meer dan vier jaar oud. Vóór 2005 was dat ongeveer 1,5 miljoen vierkante kilometer.

Ook de langjarige afname van de ijsbedekking in september blijft duidelijk zichtbaar. Volgens het NSIDC bedraagt die inmiddels 11,6 procent per tien jaar, gerekend ten opzichte van het gemiddelde over 1981 tot en met 2010. De koele zomer gaf het zeeijs dit jaar dus weliswaar enige ademruimte, maar de kwetsbaarheid van het overgebleven ijs is daarmee niet verdwenen.

Aan de Zuidpool juist een snelle afname

Rond Antarctica verliep de overgang naar het nieuwe seizoen heel anders. Daar eindigde de winter en begon de zuidelijke lente.

Het zeeijs bereikte op 14 september zijn grootste omvang van het jaar. Dat wintermaximum was het op twee na kleinste in de satellietreeks. Vervolgens nam de ijsbedekking snel af. In zijn terugblik van 7 oktober meldt het NSIDC dat vanaf 2 oktober op afzonderlijke dagen zelfs nieuwe laagterecords voor de betreffende datum werden bereikt.

Waar het noordelijke zeeijs na een bijzondere zomer snel weer aangroeide, begon het zuidelijke ijs dus vanuit een kleine winterbedekking aan het smeltseizoen. En zo hebben we dus twee seizoenen, met elk hun eigen weerinvloeden, maar ook eenzelfde rode draad. Want aan beide kanten van de wereld blijft de ijsbedekking duidelijk achter bij wat vroeger gebruikelijk was.

Voeg weerverteller.nl toe aan het startscherm van je telefoon

Mis ook deze verhalen niet:

Voor weernieuws uit Vlaanderen kijk op: meteo-weer.be

De 'winter' van Vivaldi verraadt veel wind

Volg ons ook op facebook, X, Instagram en Bluesky!

Jouw foto op Weerverteller.nl?

Stuur je foto naar foto@weerverteller.nl, of via X met de vermelding van @weerverteller

Advertentie