Lenteverwachting 2026: opnieuw droog, zonnig en warm?
Reinout van den BornDe winter van 2026 ging gisteren ten einde, de meteorologische lente vandaag van start. Wat gaan de komende maanden aan weer brengen?
Zoals we gisteren in een verhaal op deze site al aangaven, zijn er met het oog op de weersontwikkeling in de komende maanden drie zaken die we in ogenschouw moeten nemen: het einde van La Niña, de SSW die op komst lijkt en het bodemvocht.

Eerst La Niña
Laten we met La Niña beginnen, het koude zusje van El Niño. Beide zijn zeestromen die we langs de evenaar op de Grote Oceaan terugvinden in het gebied tussen Zuid-Amerika aan de ene en Australië en Indonesië aan de andere kant. Ze doen zich in een dermate uitgestrekt gebied voor dat ze het weer in grote delen van de wereld kunnen beïnvloeden.
Toch is het in Europa lastig om precies aan te geven wat de invloed van een La Niña, zoals we die de afgelopen wintermaanden nog hadden, is. Het idee bestaat dat er een sterker dan normaal Azorenhogedrukgebied bij hoort, dat ook nog eens op een noordelijkere positie ligt dan anders. Droogte in Zuid-Europa, zo tot aan de Alpen aan toe, zou er het gevolg van zijn.
Prominente rol voor een westcirculatie
Van dergelijke droogte was het eerste deel van de winter nog wel sprake. Maar toen de hogedruk in het hoge noorden goed op gang kwam, kwam er in de landen rond de Middellandse Zee een veel natter weerbeeld voor in de plaats. Uiteindelijk deden ook de Alpen, vooral de westelijke helft, daaraan mee. Het oostelijke deel van de Alpen heeft steeds met droogte te maken.
Nu La Niña afloopt en in de zomer in een El Niño moet overgaan, kun je in het verleden naar lentes zoeken waarin hetzelfde gebeurde. Als je die naast elkaar legt, dan waren dat vaak lentes met daarin een prominent rol voor een westcirculatie. Geen droogte dus, maar wisselvalligheid. En ook geen bijzonder hoge temperaturen, al doen wel veel koude lentes van lang geleden mee. En we weten allemaal dat het klimaat in Nederland sindsdien nogal is veranderd.

Nieuwe instorting poolwervel lijkt op komst
Komen we bij de poolwervel. Een zeer kortdurende instorting van de poolwervel, veroorzaakt door een ‘net aan SSW’ op 28 november 2025, drukte een belangrijk stempel op de voorbije winter. Met eerst zacht weer in december, later de omslag naar een koudere periode met in de eerste 12 dagen van 2026 erg veel sneeuw. Vervolgens deed zich boven Nederland lange tijd een status quo voor, met winter in het noordoosten en zacht weer elders.
Nu de lente begint, is net als vorig jaar een nieuwe SSW in zicht, rond 8 maart. Die SSW zou – ook net als vorig jaar – zelfs de eindinstorting van de poolwervel na de winter kunnen betekenen. Die vroege eindinstorting van de poolwervel leverde vorig jaar veel hogedrukinvloed op, op het weer in Nederland. De lente verliep daardoor zeer zacht, erg droog en ook nog eens bijzonder zonnig. Mocht dit beeld zich herhalen, dan is dat natuurlijk een aantrekkelijk vooruitzicht.
Grondwater is in de winter niet voldoende aangevuld
Het derde aandachtspunt voor de komende maanden is dat van de hoeveelheid vocht, die na de winter in de bodem aanwezig is. Zoals gisteren al geschreven, bestaan daarover vooral in het zuiden en zuidwesten de nodige zorgen. Maar ook op andere plaatsen in het land zijn de vorig jaar ontstane (grond)watertekorten de afgelopen maanden niet overtuigend aangevuld.
Om een lang verhaal kort te maken: er is potentie voor een voorjaarsdroogte, helemaal nu we weten dat hogedrukgebieden de komende twee weken meteen al de macht lijken te grijpen. En dan moeten de effecten van de SSW, die voor rond 8 maart op het programma staat, nog komen. De zon komt in deze tijd van het jaar elke dag een stukje hoger, wordt sterker en sterker en – als gevolg van de relatief hoge temperaturen die voor de komende twee weken op de rol staan – zal het ook niet lang meer duren of de natuur begint uit te lopen. En heeft meer water nodig.
Voorjaarsdroogte begint mogelijk nu al
De combinatie van de oplopende temperaturen en bijbehorende verdamping, de vrij grote invloed van de zon door de dominantie van hogedrukgebieden, de toenemende waterbehoefte van de uitlopende natuur en het verwachte initiële gebrek aan regen, maakt dat zo’n droogte wellicht nu al op het punt van beginnen staat. Hoe droger de bodem, hoe makkelijker het in de loop van de lente warm wordt. De kans op bovennormale temperaturen lijkt dan ook vrij groot.

In de modelberekeningen voor de komende maanden zien we de weerslag van de eindigende La Niña terug. Met in grote lijnen een weerbeeld waarin twee hogedrukgebieden opvallend zijn: één boven het zuidwesten van Europa en het andere bij IJsland en Groenland. En daartussen een depressiebaan vanaf de oceaan, onder meer gericht op onze omgeving. Zo’n verdeling zou ons een natte lente met ongeveer normale temperaturen moeten opleveren.
Grote onbekende is de invloed van de komende SSW
Grote onbekende hierbij is de invloed van de SSW, die zich lijkt aan te dienen. De kans bestaat dat de invloed hiervan ervoor zorgt dat het hogedrukgebied bij IJsland en Groenland sterker wordt dan nu in de berekeningen voor de komende maanden wordt aangegeven.
De gevolgen hiervan voor het weer bij ons zijn niet helemaal duidelijk. Er zijn in het recente verleden lentes geweest waarin zo’n SSW wisselvallig en koud weer opleverde, met vaak winden uit richtingen tussen noordwest en noord. Maar de lente van vorig jaar liet juist een voorbeeld zien van een drukverdeling waarin hogedrukgebieden zo dominant waren dat ze droog, zonnig en warm weer brachten. Hoe dit de komende tijd verloopt, zullen we moeten afwachten.
Een droge, zonnige en warme lente dus?
Al met al lijkt het er dus op dat er aanwijzingen zijn voor een opnieuw droge, zonnige en warme lente. Met als grote onbekende de invloed die de komende SSW op het verloop zal hebben.
Voeg weerverteller.nl toe aan het startscherm van je telefoon
Mis ook deze verhalen niet:
Volg ons ook op facebook en X!
Jouw foto op Weerverteller.nl?
Stuur je foto naar foto@weerverteller.nl, of via X met de vermelding van @weerverteller










