Wat is nodig om de droogte te doorbreken?

Foto boven: Een wegtrekkende bui, gisteravond in de buurt van Roodeschool - Jannes Wiersema

Twee dagen achtereen wachtten we op onweer in Nederland, maar beide keren bleef het op de meeste plaatsen uit. Waardoor lukte het eind juni wel om op grote schaal zware onweersbuien te krijgen, terwijl dat nu niet van de grond kwam?

De buien van maandag op dinsdag traden vooral in de late avond en nacht op, die van gisteren in de tweede helft van de middag en deels in de avond. Tijdens de eerste situatie waren het vooral het zuiden en oosten van het land waar hier en daar een bui viel, met lokaal ongeveer 6 millimeter regen.

Een wegtrekkende bui, gisteravond in de buurt van Roodeschool - Jannes Wiersema
Een wegtrekkende bui, gisteravond in de buurt van Roodeschool - Jannes Wiersema

Het grootste deel van Nederland werd overgeslagen

Gisteren was het noordoosten het gebied met de meeste regen. Waarnemer Jannes Wiersema in Roodeschool kwam tot 13 millimeter en nam zelfs even wat hagel waar. Bij de zwaarste bui trad een windvlaag op met een snelheid van 91 kilometer per uur. Ook op andere plaatsen in de drie noordelijke provincies vielen buien, maar meestal duidelijk minder zwaar.

Advertentie

Als er één rode draad was bij de twee buiensituaties, dan was het wel dat het grootste deel van Nederland werd overgeslagen, inclusief de droogste gebieden die de regen zo hard nodig hebben. Juist de regio's met de grootste neerslagtekorten bleven opnieuw vrijwel droog. Het noordoosten was deze zomer sowieso al het gebied waar de meeste regen is gevallen en waar de problemen door de droogte relatief het kleinst zijn.

De bovenlucht werkte dit keer niet mee

Onwillekeurig dachten veel mensen de afgelopen dagen terug aan de onweerssituaties van eind juni, bijvoorbeeld in de nacht van vrijdag 19 op zaterdag 20 juni. Toen explodeerde de situatie eerst in het westen en noorden van het land, waarna later in de nacht een onweerscomplex ook nog het zuidoosten en oosten passeerde. Zware blikseminslagen veroorzaakten op meerdere plaatsen branden. In het onweersgebied in het westen en noorden viel op diverse plaatsen tussen 60 en 80 millimeter regen.

Hoe schril staken de buien van de laatste dagen af tegen het geweld van toen. Waarom lukte het eind juni wel en bleef het nu vrijwel overal bij een mislukte poging, terwijl de uitgangssituatie met zeer hoge temperaturen en veel vocht in de lucht op het eerste gezicht vergelijkbaar was?

Het verschil zat volledig in de manier waarop de bovenlucht was opgebouwd. Eind juni lag de straalstroom precies zo dat in de hogere delen van de atmosfeer extra stijgbewegingen ontstonden. Daardoor konden onweersbuien explosief uitgroeien. De afgelopen twee dagen overheersten op die hoogte juist daalbewegingen. En die remden de buiengroei al in een vroeg stadium af.

Advertentie
Het ging in Roodeschool even flink tekeer, er viel 13 millimeter - Jannes Wiersema
Het ging in Roodeschool even flink tekeer, er viel 13 millimeter - Jannes Wiersema

Een hogedrukgebied heeft grote invloed

Nog meer dan in juni wordt het weer in Nederland door een hogedrukgebied beïnvloed. Lag dat toen vooral boven Frankrijk, met ons land aan de rand ervan, in juli kwam het op een duidelijk noordelijkere positie uit en vertoeft sindsdien vaker in de buurt van ons land. Het feit dat we niet langer aan de rand ervan liggen, laat nog minder ruimte voor wisselvallig weer. De gevolgen zijn duidelijk: juli was op veel plaatsen een uitzonderlijk droge maand en ook augustus zet dat beeld voorlopig voort.

Om het in Nederland weer op grotere schaal te laten regenen, zal dat hogedrukgebied moeten verdwijnen. De eerstkomende twee weken lijkt dat nog niet te gebeuren. Wat daarbij tegenwerkt, is dat de NAO-index sterk negatief is, doordat zich ook in de omgeving van IJsland en Groenland een krachtig hogedrukgebied ophoudt. Daardoor wordt de westcirculatie als het ware geblokkeerd. Storingen die vanaf de Atlantische Oceaan onze kant op willen trekken, blijven daardoor op grote afstand ten westen van Europa hangen.

Pas als de straalstroom sterker wordt, kan er iets veranderen

Verder ligt boven het zuidoosten en oosten van Europa nog steeds een uitgestrekt hogedrukgebied, dat voortdurend wordt gevoed door nieuwe hogedrukkernen die zich van het Azorenhoog afsplitsen en via West-Europa naar het oosten trekken. Ook boven Nederland zien we daardoor steeds weer nieuwe hogedrukgebieden opduiken.

In het kielzog van die hogedrukgebieden krijgt de zeer warme lucht boven Zuidwest-Europa telkens opnieuw de kans om noordwaarts uit te breken. Daardoor blijven nieuwe warmtepieken ook voor Nederland in de pijplijn zitten.

Tijdens de bui in Roodeschool kwam ook wat hagel omlaag - Jannes Wiersema
Tijdens de bui in Roodeschool kwam ook wat hagel omlaag - Jannes Wiersema

In deze situatie verandert pas iets vanaf het moment dat de straalstroom weer sterker wordt. Dat gebeurt normaal gesproken in de herfst, als het noordpoolgebied snel afkoelt en het temperatuurcontrast tussen de pool en de subtropen weer toeneemt. De depressies boven de Atlantische Oceaan kunnen zich dan gemakkelijker ontwikkelen en vaker onze omgeving bereiken. Tot die tijd zullen we de patronen van deze zomer waarschijnlijk steeds weer terugzien, ook al suggereren de langetermijnberekeningen af en toe iets anders. Uiteindelijk is de grootschalige trend bepalend.

We zijn er duidelijk nog niet

Om die reden is het nu al mogelijk te voorzien dat deze zomer een zeer grote kans maakt om als warmste ooit de boeken in te gaan. Op dit moment voert hij de lijst aan met een gemiddelde temperatuur van 19,5 graden, een tiende van een graad boven de zomer van 2006, die op hetzelfde moment op 19,4 graden stond. De huidige recordzomer van 2018 noteerde toen een gemiddelde van 19,3 graden. Zowel 2006 als 2018 schakelde in augustus echter over op een duidelijk koeler regime. Daar is deze zomer vooralsnog geen enkel uitzicht op. Dat betekent overigens niet dat het record al binnen is, maar de uitgangspositie is uitzonderlijk sterk.

Door de combinatie van aanhoudende warmte, droogte en een toenemend watertekort worden de problemen in Nederland langzaam maar zeker groter. Omdat er voorlopig geen duidelijke omslag in de grootschalige weerpatronen zichtbaar is, ligt het voor de hand dat daar de komende weken weinig verandering in komt. We zijn er dus duidelijk nog niet.

Mis ook deze verhalen niet:

Volg ons ook op facebook, X, Instagram en Bluesky!

Voor weernieuws uit Vlaanderen kijk op: meteo-weer.be

Jouw foto op Weerverteller.nl?

Stuur je foto naar foto@weerverteller.nl, of via X met de vermelding van @weerverteller

Advertentie