Smeltseizoen Groenland tot nu toe opvallend gunstig

Foto boven: De oostzijde van de Groenlandse ijskap - Hannes Grobe

Terwijl grote delen van Europa, Noord-Amerika en Azië deze zomer met uitzonderlijke warmte te maken hebben, is het beeld op Groenland opvallend anders. Juist daar, waar in de zomer normaal gesproken scherp wordt gekeken naar smelt en massaverlies van de ijskap, verloopt het seizoen tot nu toe relatief gunstig. Zeker in vergelijking met de rest van het zeer warme noordelijk halfrond springt dat in het oog.

De belangrijkste aanwijzing daarvoor komt van de zogeheten ‘Surface Mass Balance’ (SMB): de balans tussen wat er aan de oppervlakte van de ijskap door sneeuwval bijkomt en wat er door smelt en afstroming van smeltwater verdwijnt. In de loop van deze zomer is die SMB op Groenland steeds verder boven het gemiddelde van 1981-2010 uitgekomen. Anders gezegd: de ijskap houdt zich dit seizoen tot dusver beter dan gemiddeld.

De oostzijde van de Groenlandse ijskap - Hannes Grobe
De oostzijde van de Groenlandse ijskap - Hannes Grobe

Sinds 2002 is ieder jaar massa verdwenen

Dat is opvallend, want op de lange termijn is het verhaal van Groenland nog altijd duidelijk: in een opwarmend klimaat verliest de ijskap verliest massa. Sinds het begin van de satellietmetingen in 2002 is er ieder jaar netto ijs verdwenen.

Advertentie

Maar wie naar Groenland kijkt, moet tegelijk twee tijdschalen uit elkaar houden. Op de lange termijn speelt de mondiale opwarming de hoofdrol. Op de kortere termijn – van een enkel jaar tot een reeks van enkele jaren – bepaalt vooral de atmosferische circulatie boven de noordelijke Atlantische Oceaan hoe gunstig of ongunstig een smeltseizoen uitpakt.

De rol van de NAO: gunstige of ongunstige zomer voor Groenland

Een belangrijke graadmeter voor die atmosferische achtergrond is de Noord-Atlantische Oscillatie, meestal afgekort tot NAO. Dat is een index die de luchtdrukverdeling boven de noordelijke Atlantische Oceaan beschrijft. Die verdeling heeft grote invloed op de windrichting, de aanvoer van warmte en vocht en uiteindelijk ook op de vraag of Groenland vooral sneeuw krijgt of juist veel smelt te verwerken krijgt.

Voor Groenland geldt grofweg het volgende: in zomers met een negatieve NAO is het massaverlies vaak groter. In zomers met een positieve NAO zijn de omstandigheden gemiddeld gunstiger, met relatief meer sneeuwval en minder afsmelt. Dat betekent niet dat de NAO alles verklaart, maar wel dat de index helpt om afzonderlijke jaren in perspectief te zetten.

Juist daardoor vallen de jaren 2008 tot en met 2012 zo op. In die periode verloor Groenland uitzonderlijk veel massa. Het leek er zelfs even op dat het massaverlies sterk aan het versnellen was. Toch bleek het beeld daarna minder eenduidig: na 2012 zwakte het tempo van verlies weer af, al volgde in 2019 opnieuw een extreem jaar met het grootste gemeten massaverlies in één jaar tijd.

Advertentie

De NAO lijkt daarbij vooral een beschrijvende waarde te hebben. De index helpt om achteraf te begrijpen waarom een seizoen zo verliep, maar is minder geschikt als echte voorspeller. Een open vraag is bovendien of de NAO zelf, onder invloed van de opwarming van het klimaat, verandert. Klimaatmodellen geven daar voorlopig nog geen eenduidig antwoord op.

Groenland volgen: van sneeuw aan het oppervlak tot satellieten in de ruimte

Wie het massaverlies van Groenland wil begrijpen, moet onderscheid maken tussen verschillende soorten metingen.

De meest directe en actuele informatie komt van de eerder genoemde Surface Mass Balance (SMB). Die laat dagelijks zien hoeveel sneeuw er valt en hoeveel massa aan het ijsoppervlak verloren gaat door smelt en afstroming. De SMB is zo is een belangrijke indicator voor het verloop van het smeltseizoen, maar vertelt niet het hele verhaal.

Voor de totale massabalans van de ijskap zijn andere meetreeksen nodig. Zo meten de GRACE-satellieten en hun opvolgers veranderingen in het zwaartekrachtsveld van de aarde. Omdat grote ijsmassa’s zwaartekracht uitoefenen, kun je uit kleine veranderingen daarin afleiden hoeveel massa Groenland verliest of wint. Zulke metingen lopen wel enkele maanden achter.

Daarnaast zijn er hoogtemetingen van het ijsoppervlak, metingen van de snelheid waarmee gletsjers naar zee stromen en waarnemingen van de positie van het ijsfront aan het einde van gletsjers. Al die gegevens tezamen geven inzicht in wat er werkelijk met de ijskap gebeurt: niet alleen aan het oppervlak, maar ook via afkalving en versnelde afvoer van ijs naar zee.

Tot enkele jaren geleden werden die verschillende databronnen samengebracht in één geïntegreerde trend, onder meer door het internationale IMBIE-team. Inmiddels is dat overzicht er niet meer en worden de verschillende datasets vaker afzonderlijk gebruikt.

Smeltwaterrivieren op de Groenlandse ijskap in het jaar 2012, een jaar waarin van een groot massaverlies sprake was - NASA / M. Tedesco
Smeltwaterrivieren op de Groenlandse ijskap in het jaar 2012, een jaar waarin van een groot massaverlies sprake was - NASA / M. Tedesco

Sinds 2002 elk jaar verlies, maar niet elk jaar evenveel

De satellietmetingen van de totale massa van Groenland begonnen in 2002. Daarmee is de meetreeks nog relatief kort. Bovendien zit er een onderbreking in tussen 2017 en 2018, toen de eerste GRACE-satellieten stopten en pas later door een nieuwe missie werden opgevolgd.

Toch is het algemene beeld duidelijk: sinds 2002 is er elk jaar netto massaverlies geweest. Wat sterk varieert, is de snelheid waarmee dat verlies optreedt. De jaren 2010, 2011 en vooral 2012 vormden een periode met zeer snel massaverlies. Daarna volgde een aantal minder extreme jaren, al kwam in 2019 opnieuw een enorme uitschieter voor.

Wie alleen naar de meetreeks sinds 2002 kijkt, zou zelfs kunnen zeggen dat het tempo van massaverlies over die korte periode niet verder toeneemt en mogelijk wat afvlakt. Maar daar hoort meteen een belangrijke kanttekening bij: de reeks is eigenlijk te kort om daar harde conclusies aan te verbinden. Op de langere termijn, bezien over meerdere decennia, neemt het verlies van Groenlandse ijsmassa natuurlijk nog altijd toe.

De jaarcyclus van Groenland is veel duidelijker dan die van Antarctica

Groenland kent een uitgesproken seizoensritme. Vrijwel al het massaverlies speelt zich in de zomermaanden af, met vaak nog een uitloop richting september. Dat maakt het interessant om niet alleen naar jaarcijfers te kijken, maar ook naar de veranderingen per maand.

Daarbij moet wel worden bedacht dat de satellietmetingen niet precies met kalendermaanden samenvallen. Een verandering van mei naar juni beschrijft bijvoorbeeld feitelijk ongeveer de periode van 15 mei tot 15 juni. Daardoor lijkt het soms alsof september nog veel massaverlies laat zien, terwijl een deel daarvan in werkelijkheid nog eind augustus heeft plaatsgevonden.

Juist op maandniveau wordt zichtbaar hoe uitzonderlijk sommige jaren waren. Het jaar 2019 springt er dan meteen uit. In dat jaar was de negatieve afwijking ten opzichte van het normale patroon vooral in de zomermaanden groot, zonder dat die later in het jaar werd gecompenseerd.

Opvallend is tegelijk dat in de jaren 2020 tot en met 2025 in de maanden juni tot en met september juist vaker een positieve anomalie voorkwam. Met andere woorden: in die kern van het smeltseizoen verliep de massabalans geregeld gunstiger dan je op basis van de recente meetreeks zou verwachten.

Meer sneeuw in een warmer klimaat: tegenintuïtief, maar niet onmogelijk

Dat roept meteen een interessante vraag op. Want hoe kan het dat Groenland in meerdere recente zomers relatief gunstig uitkomt, terwijl de aarde verder opwarmt?

Het antwoord is dat opwarming niet alleen tot meer smelt leidt, maar in koude gebieden ook voor meer neerslag kan zorgen. Warmere lucht kan immers meer waterdamp bevatten. Als die vochtige lucht boven of rond Groenland in koude omstandigheden terechtkomt, kan dat juist extra sneeuw opleveren. Zo’n toename van sneeuwval kan een deel van het massaverlies aan het oppervlak compenseren.

Dat mechanisme is op Antarctica al vaker beschreven. Daar bleek uit onderzoek dat extra sneeuwval onder meer samenhing met een grotere activiteit van atmosferische rivieren: lange, smalle zones in de atmosfeer die grote hoeveelheden vocht over grote afstanden transporteren. Daarnaast kan ook minder zee-ijs bijdragen, doordat open water meer vocht aan de atmosfeer afgeeft.

Of precies dezelfde processen ook op Groenland een belangrijke rol spelen, is nog niet volledig duidelijk. Maar dat extra sneeuwval in sommige zomers een dempend effect op de massabalans heeft, lijkt wel degelijk aannemelijk. Tegelijk blijft gelden dat dit geen structurele ommekeer betekent. Zodra warme lucht langdurig de overhand krijgt, valt vaker regen en kan extra sneeuwval het verlies door smelt en afstroming maar beperkt compenseren.

Een relatief goede Groenlandse zomer, in een wereld die verder opwarmt

De tussenbalans van deze zomer is daarom dubbel. Aan de ene kant is er voor Groenland op dit moment sprake van een relatief gunstig smeltseizoen. Terwijl grote delen van het noordelijk halfrond kreunen onder hardnekkige warmte, blijft de Surface Mass Balance van de Groenlandse ijskap vooralsnog boven het gemiddelde van 1981-2010. Dat is opmerkelijk en klimatologisch relevant.

Aan de andere kant verandert niets in het grotere verhaal. De Groenlandse ijskap verliest over langere tijd nog steeds massa en levert daarmee een bijdrage aan de wereldwijde zeespiegelstijging. Alleen verloopt dat verlies niet ieder jaar in hetzelfde tempo. Juist de combinatie van mondiale opwarming, natuurlijke schommelingen in de atmosferische circulatie en mogelijk ook veranderingen in sneeuwval maken Groenland tot een complex systeem.

Dat is misschien wel de belangrijkste les van deze zomer. Ook in een warmere wereld blijven er jaren en regio’s waarin het beeld tijdelijk minder somber is dan verwacht. Groenland laat nu zien hoe sterk de uitkomst van één smeltseizoen kan afhangen van de precieze verdeling van druksystemen, wind en neerslag. Maar tegelijk laat de ijskap al jaren zien dat zulke gunstige tussenseizoenen zich afspelen tegen een achtergrond die nog altijd dezelfde kant op wijst: die van nettoverlies.

Voor dit verhaal is informatie van Bart Vreeken gebruikt, op weerforum Weerwoord.be

Voeg weerverteller.nl toe aan het startscherm van je telefoon

Mis ook deze verhalen niet:

Volg ons ook op facebook, X, Instagram en Bluesky!

Voor weernieuws uit Vlaanderen kijk op: meteo-weer.be

Jouw foto op Weerverteller.nl?

Stuur je foto naar foto@weerverteller.nl, of via X met de vermelding van @weerverteller

Advertentie
Smeltseizoen Groenland tot nu toe opvallend gunstig | Weerverteller