Het noodweer van 18 juli 1964: een angstaanjagende rolwolk
Reinout van den BornNa een vrij warme dag kan het later vanavond in Nederland, als koelere lucht vanuit het westen ons land bereikt, tot een lokale regen- of onweersbui komen, vooral in het noorden en (zuid)oosten van het land. Je zou het een eerste ‘zomerse’ buiensituatie kunnen noemen, waarbij de kans dat het nu al uit de hand loopt maar klein is.
Heel anders was dat op zaterdagavond 18 juli in 1964. Toen trok een onweersgebied over Nederland dat veel mensen, die zich die situatie kunnen herinneren, ook nu nog de rillingen bezorgd. Voor de buien uit trok, of beter gezegd rolde een angstaanjagende rolwolk over het land. Naar verluid waren het er op sommige plaatsen zelfs 4 of 5 achter elkaar. Daarna brak de hel los, met zeer zware windstoten, hevige regen en hagel, ontelbare bliksems en harde klappen. De schade na het noodweer was enorm, er waren ook vele slachtoffers te betreuren.

De zomers in de jaren ’60 waren vaak slecht
Voor wat zomerweer betreft, was het tijdvak van de jaren ’60 niet de periode waarin veel te genieten was. De meeste zomers verliepen koeler dan normaal en als je het in de zomerperiode opgebouwde warmtegetal (wat je verkrijgt door het aantal graden, dat de gemiddelde etmaaltemperatuur van elke dag boven de 18,0 °C ligt, op te tellen) als maat voor het succes van een zomer neemt, dan zijn het twee zomers uit de jaren ’60 die onderaan bungelen. De zomer van 1962 behaalde slechts 4,6 punten, de zomer van 1965 niet meer dan 5 punten.
En toch verliep die legendarische zaterdag 18 juli in het jaar 1964 zeer warm. In Venlo werd het zelfs 36,6 graden. Op de weerkaarten zagen we een hogedrukgebied boven het zuiden van Scandinavië en Denemarken. Vanuit Frankrijk kwam een onweersstoring naderbij, een koufront naderde tegelijkertijd vanuit het zuidwesten, waarbij de activiteit daarvan werd aangewakkerd door een bovenluchtput, die over Ierland langzaam oostwaarts trok.
Eerst scheen de zon en werd het bloedheet
Voordat het koufront in de avond toesloeg, scheen overdag de zon nog volop. De warmste lucht stroomde al in de ochtend binnen. Toen dreef ook wat bewolking over, een restant van buien die eerder boven Frankrijk actief waren. In de loop van de dag zorgde de fel schijnende zon ervoor dat het bloedheet werd. Daarbij waaide een zuidoostelijke wind en waren hoog in de atmosfeer steeds weer kanteelwolken zichtbaar, de zogenoemde onweersverklikkers.
Tegen de avond drong vanuit het zuidwesten het koufront het land binnen. Er had zich een beestachtige buienlijn op ontwikkeld, met wolken die zo hoog waren doorgegroeid dat het eronder aardedonker werd. Dat bleek al toen de voorste begrenzing van de buien even voor 19 uur de vliegbasis Woensdrecht passeerde. Het dienstdoende hoofd van de weerafdeling meldde dat hij een lamp nodig had om nog te kunnen lezen.
Voor de buien uit trok een angstaanjagende rolwolk over
Voor de buien uit rolde een rolwolk over het land. Met name in het westen was de passage daarvan angstaanjagend. Er vooruit werd het enkele minuten volkomen windstil, terwijl het licht langzaam uit de lucht verdween. Tijdens en na de passage van de rolwolk barstte het noodweer los. Eerst werd de lucht groen, daarna aardedonker en sloegen wind, regen, hagel, bliksem en donder onverbiddelijk toe. In de stad Rotterdam viel in korte tijd 52 millimeter.
In grote delen van het land was het beeld hetzelfde. Een Egyptische duisternis werd gevolgd door zeer zware windstoten, hevige regen en hagel, teruglopende zichten en een apocalyptisch onweer. Op de wegen werd het een chaos. Veel mensen op het water kwamen tijdens het noodweer in het water terecht. Bliksems sloegen in en veroorzaakten verspreid over het land diverse grote branden. En huizen en gebouwen raakten beschadigd door de zeer zware windstoten of stortten zelfs helemaal in. Ook waaiden talloze bomen om.
Er vielen diverse slachtoffers
Hoeveel slachtoffers uiteindelijk vielen, is niet meer na te gaan, maar dat het om een aanzienlijk aantal ging, blijkt wel uit krantenberichten in de dagen na het noodweer. Mijn vader, de 87-jarige Peter van den Born, kan zich de situatie van die avond nog goed herinneren. Hij stond in de omgeving van zijn toenmalige woonplaats Terschuur met een ander in een tuin naar de naderende bui te kijken, en zag de uiterst spectaculaire rolwolk dichterbij komen.
‘De lucht werd eerst helemaal groen’, herinnert hij zich nog. Daarna werd het aardedonker en barstte het noodweer los. Dat maakte veel indruk, zoveel dat hij zich de gebeurtenissen van toen – nu bijna 62 jaar geleden – nog altijd als de dag van gisteren kan herinneren. Ook de 85-jarige Jannie Span, toen woonachtig in Leeuwarden, weet het nog. Zij werd tijdens de passage van het onweer met een bolbliksem geconfronteerd, die het huis binnendrong.
Het onweer van 17 juli 2004 leek er een beetje op
Een onweerssituatie van recentere datum, namelijk die van 17 juli 2004 (op 1 dag na 40 jaar na het noodweer van 18 juli 1964), deed wel iets aan de situatie van toen denken. Ook in 2004 werd een hete dag door een monumentaal onweer afgesloten. De buien werden door indrukwekkende wolkenluchten voorafgegaan, waarbij meerdere lagen boven op elkaar leken te zijn gestapeld. Ook in 2004 volgden een Egyptische duisternis en een spectaculair noodweer.
Zoals eerder in dit verhaal al aangegeven, zijn dit niet per se de omstandigheden waarmee we vanavond al rekening moeten houden. Nu loopt het allemaal nog wel los. Wel markeren de eventuele buien het begin van het onweersseizoen, dat er ook dit jaar weer aankomt.
Voeg weerverteller.nl toe aan het startscherm van je telefoon
Mis ook deze verhalen niet:
Wat laten de eerste berekeningen voor de komende zomer zien?
Wat doet de naderende El Niño met het weer in de komende zomer?
Over clickbaits en sensatiedrang, klimaatverandering en contrails
Volg ons ook op facebook, X, Instagram en Bluesky!
Jouw foto op Weerverteller.nl?
Stuur je foto naar foto@weerverteller.nl, of via X met de vermelding van @weerverteller










