Berekeningen voor komende winter opnieuw interessanter

Foto boven: Winter - Cynthia van Leusden

Niet alleen het Europese model, maar ook de andere weermodellen die van het C3S-multimodel van het Europese klimaatbureau Copernicus deel uitmaken, zijn met hun nieuwe seizoensverwachtingen voor de winter naar buiten gekomen. Zeker voor de maanden januari en februari zien die uitdraaien er interessant uit.

Ongeveer een week geleden schreven we op deze site al over de achterdeurtjes in de verwachting voor de winter, waar liefhebbers van winterweer zich nog enigszins aan kunnen vasthouden. Ook al is het logisch dat de komende winter, door de invloed van El Niño en zeker ook de sterk positieve IOD, nat en zacht wordt.

Winter - Cynthia van Leusden
Winter - Cynthia van Leusden

Als er een signaal zou zijn, dan is dit het aangewezen jaar

Het maken van een seizoensverwachting voor de naderende winter is dit jaar misschien wel interessanter dan ooit. Zelden hebben we in de aanloop naar de winter een factor meegemaakt die zo dominant is als de super El Niño die nu in ontwikkeling is en die naar verwachting later dit najaar zijn hoogtepunt bereikt. Als er dan toch een jaar is waarin seizoensverwachtingen al ver vooruit een signaal van betekenis moeten kunnen geven, dan is dat dit jaar wel.

Advertentie

In het verhaal van een week geleden waren de signalen wat de mogelijke betrouwbaarheid betreft hoopgevend. De verwachting, zoals die door het Europese model in deze septembermaand naar buiten is gebracht, kon je bijna één op één op die van een maand eerder leggen.

Van een paar factoren weten we al dat ze een rol gaan spelen

Van een paar factoren weten we inmiddels zo goed als zeker dat ze een rol gaan spelen. Afgezien van de super El Niño hebben we het dan over de IOD, de Indian Ocean Dipole, die de komende maanden sterk positief is, en de QBO, de wisseling van de wind in de stratosfeer boven de evenaar, die in zijn westelijke fase zit. Van elk van die factoren is inmiddels redelijk goed bekend op welke manier ze invloed op het wereldwijde stromingspatroon in de winter kunnen hebben.

Van de huidige El Niño weten we dat niet precies. Daarvoor zijn er twee redenen. Ten eerste hebben we vanuit het verleden simpelweg geen voorbeeld van een El Niño die zo sterk is als die van dit moment. We weten van El Niño dat de sterke convectie boven het warme oceaanwater een trein van grote atmosferische golven op gang kan brengen. Als zulke golven zich naar het noorden voortplanten en de stratosfeer boven het noordpoolgebied bereiken, kunnen ze de stratosferische poolwervel daar verstoren. Het is ook een ontwikkeling die je in de verschillende seizoensmodellen duidelijk terugziet. Zeker voor de maanden januari en februari wordt een flinke verzwakking van die poolwervel voorzien.

De afwijking in de gemiddelde drukverdeling op het noordelijk halfrond, zoals die gedurende de komende winter door het C3S-multimodel wordt verwacht. De hogedruk bij Groenland komt daarin duidelijk naar voren. Voor onze omgeving worden afwijkingen naar beneden berekend. Dit is geen garantie voor winterweer. Tegelijkertijd is de koude lucht op deze manier nooit ver weg - Copernicus C3S-multimodel
De afwijking in de gemiddelde drukverdeling op het noordelijk halfrond, zoals die gedurende de komende winter door het C3S-multimodel wordt verwacht. De hogedruk bij Groenland komt daarin duidelijk naar voren. Voor onze omgeving worden afwijkingen naar beneden berekend. Dit is geen garantie voor winterweer. Tegelijkertijd is de koude lucht op deze manier nooit ver weg - Copernicus C3S-multimodel

El Niño ligt dit jaar oostelijk

Een andere factor gekoppeld aan El Niño die een rol kan spelen, is het feit dat het zwaartepunt van de warmste afwijkingen dit keer niet op de centrale delen van de Grote Oceaan in het Niño 3.4-gebied, maar veel meer aan de oostkant voor de kust van Zuid-Amerika wordt voorzien. Er wordt vermoed dat dit van invloed kan zijn op de ligging van de belangrijkste druksystemen die van de super El Niño gedurende de wintermaanden het gevolg zijn. Speciale aandacht gaat daarbij uit naar het hogedrukgebied dat normaal boven Noordoost-Canada moet verschijnen.

Advertentie

In de berekeningen van het Europese model zagen we eerder al hoe voor dat hogedrukgebied gedurende de komende winter een oostwaartse verplaatsing richting Groenland wordt voorzien. Die beweging is interessant, want tegelijkertijd wordt voor Scandinavië, net als in de El Niño-winter van 2024 die daar echt koud verliep, een oostelijke wind verwacht. Daarmee zou koude continentale lucht opnieuw Scandinavië kunnen bereiken en zou dit daar opnieuw op een koude winter kunnen uitdraaien.

De UKMO-verwachting laat de invloed van de oostelijke El Niño zien

Tegelijkertijd is het zo dat, als het hogedrukgebied vanuit Noordoost-Canada in de loop van de winter bij Groenland zou aankomen, de koude lucht in het noorden zuidwaarts zou kunnen worden geduwd. En op die manier ook in onze omgeving zou kunnen uitkomen.

De berekeningen van het Engelse UKMO-model, die bij het maken van seizoensverwachtingen voor de winter vaak worden bekeken, borduren voort op dit idee. Ze laten het hogedrukgebied in december niet alleen meteen in de buurt van Groenland tot ontwikkeling komen, ook lijkt het daar in de drie wintermaanden verder te versterken. Totdat we op het noordelijk halfrond een setting zien die een sterk negatieve NAO-index oplevert, met een zuidelijk gelegen straalstroom, hogedruk in het noorden en Nederland langere tijd aan de rand van de koude lucht. In januari en zeker februari zou ons land daardoor ook af en toe in de oostelijke stroming terecht kunnen komen.

De UKMO-verwachting van de tijdens de komende winter verwachte afwijkingen in de luchtdruk op het noordelijk halfrond. We zien het beeld van de C3S-verwachting terug, maar dan in versterkte mate - Copernicus / Met Office bijdrage
De UKMO-verwachting van de tijdens de komende winter verwachte afwijkingen in de luchtdruk op het noordelijk halfrond. We zien het beeld van de C3S-verwachting terug, maar dan in versterkte mate - Copernicus / Met Office bijdrage

Er is verrassend grote overeenstemming, en toch zijn we er niet

Het interessante is dat zelfs het multimodel zelf, als je de individuele berekeningen van de 9 modellen die bijdragen samenneemt, dit beeld nu laat zien. Er is blijkbaar een behoorlijk grote overeenstemming tussen de berekeningen, passend bij de sterke factoren die – zoals eerder in het verhaal al genoemd – de ontwikkelingen van de komende tijd vorm moeten geven.

Ondanks al die schijnbare duidelijkheid blijft de opmerking op zijn plaats dat we er nog niet zijn. Voordat de definitieve winterverwachting verschijnt, komen er nog twee nieuwe uitdraaien. Ook moet in de tussentijd op het noordelijk halfrond nog veel gebeuren, in de vorm van het ontstaan van een sneeuwdek in bijvoorbeeld Siberië en het weer dichtvriezen van de zeeën in het noordpoolgebied. Ook die ontwikkelingen kunnen nog invloed hebben op wat er gaat gebeuren.

Het betekent dus allemaal nog niet dat een koude winter nu ineens waarschijnlijker is geworden. Het interessante is wel dat binnen de overwegend zachte winterverwachting steeds duidelijker een scenario zichtbaar wordt waarin vooral januari en februari toch enkele perioden met kouder weer zouden kunnen bevatten. En dat is tegenwoordig al heel wat.

Voeg weerverteller.nl toe aan het startscherm van je telefoon

Mis ook deze verhalen niet:

Voor weernieuws uit Vlaanderen kijk op: meteo-weer.be

Stapelwolken: mooi weerwolken en fotogenieke bloemkoolwolken

Volg ons ook op facebook, X, Instagram en Bluesky!

Jouw foto op Weerverteller.nl?

Stuur je foto naar foto@weerverteller.nl, of via X met de vermelding van @weerverteller

Advertentie