Hoeveel van de hete zomer van 2026 kwam door klimaatverandering?
Reinout van den BornIn de terugblik op de uitzonderlijk warme en droge zomer van 2026 wordt klimaatverandering vaak als belangrijkste verklaring genoemd. Terecht, maar daarmee is de meteorologische analyse van de zomer nog lang niet compleet. Ook El Niño speelde dit jaar een rol, terwijl de aanloop naar de zomer al opvallend warm en droog was. Hoe moeten we de verschillende factoren tegen elkaar afwegen?
De zomer van 2026 was uitzonderlijk. In grote delen van West-Europa werden warmterecords gebroken en ook Frankrijk en Spanje beleefden recordwarme zomers die ver boven het langjarig gemiddelde uitkwamen. De combinatie van warmte en droogte had bovendien grote gevolgen voor de landbouw en de natuur.

Het is dan heel verleidelijk om achteraf één oorzaak aan te wijzen. En dat gebeurt ook. Klimaatverandering wordt daarbij vaak als verklaring genoemd. Dat is begrijpelijk, maar meteorologisch gezien eigenlijk te eenvoudig. Want een extreem warme zomer ontstaat niet alleen doordat de aarde warmer is geworden. Daarvoor is ook een bepaalde atmosferische circulatie nodig. En juist die circulatie was deze zomer in hoge mate bepalend voor waar de warmte en droogte terechtkwamen en vooral hoe lang ze konden aanhouden.
De zomer begon niet op 1 juni
Al in het voorjaar waren grote delen van West- en Zuid-Europa uitzonderlijk warm en droog. In Frankrijk bijvoorbeeld verliep april zeer warm en droog en het voorjaar als geheel behoorde er tot de warmste en droogste ooit gemeten. Ook Nederland had een warme en droge lente.
Dit bleek zeer bepalend voor wat daarna gebeurde. Een droge bodem verdampt minder water, waardoor meer van de inkomende zonnestraling rechtstreeks in warmte wordt omgezet. De lucht wordt daardoor gemakkelijker warm. Als vervolgens een hogedrukgebied langere tijd op dezelfde plaats blijft liggen, kan een zichzelf versterkend proces van zonneschijn, droogte en warmte inzetten. Hierin lag een belangrijke oorzaak voor wat daarna gebeurde.
Maar dan is er ook nog El Niño
Over El Niño hoor je in relatie tot de zomer in Nederland opvallend weinig. In de tropische Stille Oceaan ontwikkelde zich dit jaar een krachtige El Niño. Het bijzondere was niet alleen de sterkte, maar ook de ligging van het warmste water op een zeer oostelijke positie. De ontwikkeling ervan was bovendien al in het voorjaar duidelijk zichtbaar.
El Niño heeft wereldwijd gevolgen voor de atmosferische circulatie. Via zogenoemde teleconnecties kunnen veranderingen in de tropische Pacific doorwerken naar andere delen van de wereld. Ook Europa kan daarvan iets merken. Dit betekent overigens niet dat El Niño rechtstreeks de omega-blokkade boven West-Europa veroorzaakte.
Maar er is wel degelijk een Europees zomersignaal bekend: tijdens El Niño kunnen delen van Noord- en Centraal-Europa droger worden. Vooral interessant is dat onderzoek laat zien dat dit verband in bepaalde perioden sterker is geweest dan in andere. Er zijn bovendien aanwijzingen dat de ligging van de warmste watermassa's in de tropische Pacific daarbij een rol speelt. Daarmee is El Niño geen hoofdoorzaak van de zomer, maar wél een factor die in de analyse thuishoort.
De geschiedenis laat dat goed zien
Kijken we naar andere beruchte Europese zomers, dan wordt het nog interessanter.
Neem 1976. Dat jaar staat in Nederland en grote delen van Europa nog altijd bekend als hét voorbeeld van een uitzonderlijk warme en droge zomer. Maar 1976 was helemaal geen El Niño-zomer. Integendeel: de zomer viel in een periode met La Niña-achtige omstandigheden.
Hetzelfde geldt voor andere bekende jaren. Ook 2018 verliep onder La Niña-achtige tot neutrale ENSO-omstandigheden. En 2022 werd eveneens door een langdurige La Niña voorafgegaan. Toch waren ook die jaren extreem warm en droog.
El Niño is dus duidelijk niet noodzakelijk om een Europese zomer met een hardnekkige blokkade en grote droogte te krijgen. Dat is belangrijk, want het laat zien dat we natuurlijke variabiliteit niet achteraf uit de analyse moeten wegpoetsen.
En klimaatverandering dan?
Een warmer klimaat betekent dat dezelfde atmosferische situatie tegenwoordig tot hogere temperaturen kan leiden dan enkele tientallen jaren geleden. Een hogedrukblokkade, die vroeger een zeer warme zomer opleverde, kan een zomer onder de huidige klimatologische omstandigheden gemakkelijker tot een extreme zomer laten uitgroeien.
Ook kan de droogte worden versterkt. Bij hogere temperaturen neemt de potentiële verdamping toe. Als neerslag vervolgens uitblijft, loopt het vochttekort daardoor sneller op.
Verklaart klimaatverandering dus vooral waarom de temperatuur tegenwoordig gemakkelijker extreem hoog uitkomt, de atmosferische circulatie verklaart veel beter waarom dat juist in een bepaald jaar, op een bepaalde plaats en gedurende zo'n lange periode gebeurt.
En vervolgens speelt ook de voorgeschiedenis een belangrijke rol bij het bepalen van hoe hard de gevolgen zijn. Het was dit jaar al veel langer droog, voordat de zomer begon.
Geen rekensom
Het zou mooi zijn als we van de afgelopen zomer konden zeggen dat klimaatverandering voor bijvoorbeeld 50 procent de oorzaak was, dat 30 procent van El Niño kwam en 20 procent op toeval berustte. Zo simpel werkt het echter helaas niet.
Meerdere factoren tegelijk grijpen voortdurend op elkaar in. Klimaatverandering heeft de uitgangsbasis hoger gelegd. El Niño beïnvloedt de mondiale circulatie en de atmosferische dynamiek bepaalt vervolgens of zich boven Europa een langdurige blokkade vormt. Daarna kan de bodemgesteldheid de warmte en droogte verder versterken.
Tenslotte komt hier de interne variabiliteit van de atmosfeer nog bij. Die bepaalt mede of een blokkade precies op de juiste plaats ontstaat en dagen, weken of zelfs maanden blijft bestaan.
De zomer van 2026 was dus meer dan klimaatverandering
Het zou al met al zeer onjuist zijn om de extreme zomer van 2026 los te zien van de opwarming van de aarde. Zonder de huidige klimaatverandering zouden de temperatuurrecords van deze zomer veel moeilijker te bereiken zijn geweest.
Maar het is minstens zo onjuist om klimaatverandering daarmee als dé oorzaak van de gebeurtenissen aan te wijzen. De uitzonderlijke warmte en droogte ontstonden in een warmer klimaat, maar ook onder invloed van een bijzondere atmosferische circulatie, na een uitzonderlijk warme en droge voorgeschiedenis en in een jaar waarin bovendien een krachtige El Niño aanwezig was.
De vraag is dan ook niet zozeer of El Niño of klimaatverandering de afgelopen zomer heeft veroorzaakt, maar meer hoe klimaatverandering, El Niño, de atmosferische blokkade en de voorgeschiedenis van 2026 samenwerkten om deze uitzonderlijke zomer te produceren. Dat doet veel meer recht aan de meteorologische analyse achteraf.
Voeg weerverteller.nl toe aan het startscherm van je telefoon
Mis ook deze verhalen niet:
Voor weernieuws uit Vlaanderen kijk op: meteo-weer.be
Zware storm van 7 september 1944
De achterdeurtjes van de komende, vrijwel zeker zachte winter
Het jaar 1540 was krankzinnig. Maar kijk eens goed naar 2026
Speelden getijden en interne golven ook een rol bij extreme afkoeling Málaga?
Recordsterke El Niño op komst. Reageert atmosfeer nog wel zoals vroeger?
Volg ons ook op facebook, X, Instagram en Bluesky!
Jouw foto op Weerverteller.nl?
Stuur je foto naar foto@weerverteller.nl, of via X met de vermelding van @weerverteller










