Voor het eerst deze herfst verandert grootschalige drukpatroon

Foto boven: Kleurrijke start met grondmist in de buurt van Leerdam - John Oomen

De herfst is halverwege en de atmosfeer op het noordelijk halfrond is hard bezig met zijn transitie van de zomer- naar de winterstand. Eerst gebeurde maar weinig en hield het patroon van de zomer aan, maar de komende tijd zijn er veranderingen.

Het is nog steeds erg warm op aarde. Met een gemiddelde van 15,68 graden waren de temperaturen op 7 oktober krap aan recordhoog. Normaal op die datum is 14,81 graden, een verschil van 0,87 graden dus. Pak je het gemiddelde uit de jaren 1971 tot en met 2000 erbij, dan is het verschil zelfs 1,27 graden. Een behoorlijke afwijking al met al.

Kleurrijke start met grondmist in de buurt van Leerdam - John Oomen
Kleurrijke start met grondmist in de buurt van Leerdam - John Oomen

De recordhoge temperaturen van dit moment komen vooral voor rekening van het zuidelijk halfrond. Daar bedroeg het verschil met de vorige recordwaarde op 7 oktober (2024) maar liefst 0,33 graden. Ook de tropen zijn nagenoeg recordwarm. Andere delen van de aarde (noordelijk halfrond en de beide polen) meten nu (net) geen recordtemperaturen.

Advertentie

Zeewatertemperaturen

Kijk je naar de zeewatertemperaturen, dan zijn die op dit moment wel recordhoog. Op 12 oktober bedroeg de gemiddelde zeewatertemperatuur in het gebied tussen 60 graden noord en 60 graden zuid 21,05 graden, tegen 20,22 graden normaal (een verschil van 0,83 graden). Kijk je naar het verschil met 1971-2000, dan bedraagt het verschil zelfs 0,98 graden.

De grootste afwijkingen worden in het El Niño gebied (midden op de Grote Oceaan tussen Zuid-Amerika en Australië / Indonesië) gemeten. De gemiddelde watertemperatuur bedroeg daar op 12 oktober 29,95 graden, 3,25 graden boven de gebruikelijke 26,7 graden. Vergeleken met de klimaatperiode1971-2000 bedroeg de afwijking naar boven 3,34 graden.

De koude vlek is ook terug

Ook de Golf van Mexico is recordwarm. Andere zeegebieden, zoals de noordelijke helft van de Atlantische Oceaan en de regio waarin de orkanen van de Atlantische sector zich ontwikkelen, zijn dat op dit moment niet. Midden op de noordelijke helft van de Atlantische Oceaan is ook weer iets van een koude vlek zichtbaar. Die was de laatste maanden weg.

De El Niño zone mag er wereldwijd dan enorm uitspringen, ook andere zeeën zijn veelal warm. Wel beginnen de enorme afwijkingen, die de zeeën in en rond Europa de laatste maanden als gevolg van de hete zomer lieten zien, heel geleidelijk af te vlakken. Bij Californië, tussen Japan en Rusland en ook in de Karazee bij Nova Zembla is het water eveneens erg warm.

Advertentie

El Niño

Ondertussen ontwikkelt de super El Niño van dit moment zich verder. Het is een beetje hoe je ernaar kijkt en of je de relatieve index of de aloude gebruikt, maar veel deskundigen spreken nu al van de sterkste El Niño ooit. De verwachting is dat het fenomeen de komende weken nog wat sterker wordt, om zijn piek ergens eind november of in december te bereiken. Daarna lijkt een geleidelijke afbouw te beginnen, maar houdt El Niño nog wel langere tijd aan.

Indian Ocean Dipole (IOD)

Een ander fenomeen dat we, met het oog op de atmosferische ontwikkelingen op het noordelijk halfrond gedurende dit winterhalfjaar, in de gaten houden, is de Indian Ocean Dipole, de IOD. Het is een index die ontstaat door de zeewatertemperaturen ten oosten van het Afrikaanse continent en in de buurt van Indonesië met elkaar te vergelijken. Voor dit najaar wordt een positieve IOD verwacht, die tot begin januari moet aanhouden. Hoewel de index de laatste week een waarde van 0,88 graden had, spreekt de Australische weerdienst, die de IOD in de gaten houdt, nog niet officieel van een positieve fase. Dat gaat wel snel gebeuren. Toch is er in de modellen nog enige onzekerheid over de precieze ontwikkeling van de IOD.

Zeeijs

Een belangrijk proces gedurende het najaar is de terugkeer van het zeeijs in het noordpoolgebied. Nadat we dit jaar exact hetzelfde zeeijsminimum hadden bereikt als vorig jaar, is het ijs weer vlot aangegroeid. Na die eerste spurt lijkt nu even een rustigere fase aan te breken, waarin de tekorten ten opzichte van normaal weer wat groter kunnen worden. Die tekorten doen zich vooral aan de Atlantische en Russische zijde van het poolgebied voor. Aan de andere kant, in de buurt van Canada en Alaska is de situatie op dit moment vrijwel normaal.

Sneeuwdek: wereldwijd en Siberië

Een andere terugkeer is die van de sneeuw op het noordelijk halfrond. De enige plaatsen waar we heel het jaar sneeuw aantreffen, zijn Groenland en delen van de hooggebergten. Oktober is de maand waarin onder meer Siberië. Alaska en delen van Canada zich daarbij voegen.

Kijken we naar het beeld van nu, dan zijn er in Siberië en in het noorden van Canada, vergeleken met de in deze tijd van het jaar normale situatie, nog flinke tekorten. In het noordoosten van Canada ligt wel meer sneeuw dan gebruikelijk, evenals op de Tibetaanse hoogvlakte. De komende weken wordt in Siberië een verdere uitbreiding van het sneeuwdek verwacht.

Poolwervel

De poolwervel, de straalstroom in de stratosfeer die gedurende het winterhalfjaar boven het poolgebied verschijnt en de zich daar opbouwende koudepoel in grote lijnen op zijn plaats houdt, heeft na een hobbelige start inmiddels zijn gebruikelijke sterkte bereikt. Toch gebeurt al het een en ander. De komende tijd doet zich een zogenoemde ‘Canadian Warming’ voor, waarbij de temperaturen in de stratosfeer boven Canada even flink omhoog gaan. Die verandering heeft invloed op de vorm van de poolwervel, die zich daarna kan uitstrekken.

NAO- en AO-index

Doordat het weerpatroon, zoals we dat gedurende de zomer zagen, tijdens de eerste weken van de herfst in grote lijnen aanhield, is het laatste seizoen van het jaar in grote delen van het noordelijk halfrond tot nu toe erg warm verlopen. Alleen Groenland (duidelijk kouder dan normaal) en het oosten van Siberië onttrokken zich aan dat patroon.

Ook in grote delen van Europa (en in Nederland) is de eerste helft van de herfst erg warm geweest. Hoewel het bij ons wat meer regende dan in delen van de zomer, zitten we nog steeds met een grote droogte. En dat geldt zeker ook voor grote delen van de rest van Europa.

Waren de NAO- en de AO-index (de indices die de drukverdeling op de noordelijke helft van de Atlantische Oceaan daarbij de laatste weken vooral positief (met lagedruk boven de Noordpool en het noordelijke deel van de Atlantische Oceaan en hogedruk op zuidelijke posities), de komende paar weken lijkt zich een verandering voor te doen. De hogedruk schuift dan naar het noorden (mogelijk zelfs naar Groenland) en de lagedrukgebieden komen volgens de verwachtingen op zuidelijkere posities uit. De beide indices worden dan negatief.

Grootschalige ontwikkeling komende tijd

Drijver achter die veranderingen is waarschijnlijk de eerdergenoemde Canadian Warming, die de vorming van het hogedrukgebied boven Groenland tot gevolg kan hebben. Het moet allemaal natuurlijk nog gebeuren. Vooral voor ons in Europa betekent dit een (tijdelijke?) daling van de temperaturen. Ondertussen blijven hogedrukgebieden wel een hoofdrol spelen.

Of deze nieuwe fase lang aanhoudt, is de vraag. Meestal is het effect van een Canadian Warming maar tijdelijk. En ook als je verwachtingen voor de wat langere termijn van nu erbij pakt, zie je toch dat in november een overgang naar wisselvalliger weer waarschijnlijk is. We blijven het de komende weken natuurlijk volgen. De winterverwachting komt eind november.

Voeg weerverteller.nl toe aan het startscherm van je telefoon

Mis ook deze verhalen niet:

Voor weernieuws uit Vlaanderen kijk op: meteo-weer.be

Winterverwachting: zachte of toch nog een strenge winter?

Volg ons ook op facebook, X, Instagram en Bluesky!

Jouw foto op Weerverteller.nl?

Stuur je foto naar foto@weerverteller.nl, of via X met de vermelding van @weerverteller

Advertentie